Stampleem 02.004 -.600

 

Gebruik

Stampleemwanden en -vloeren conform CLAYTEC werkblad 1.1
Stampleem geschikt voor dragende en niet-dragende leemwanden, Stampleem fijn 02.008 geschikt voor leemvloeren.

Samenstelling

Stampleem: bouwleem, gemengd korrelige, kiezelachtige toeslagstoffen. Korrel 0-16 mm (max. korrel tot 22 mm mogelijk).
Stampleem fijn 02.008: Bouwleem met menggranulaat 0-8 mm (max. korrel tot 16 mm mogelijk).

Fysische eigenschappen

Droge dichtheid ca. 2.300 kg/m3 (l 1,5 W/mK, μ 5/10), drukvastheid 2,0 N/mm2, krimpfactor stampleem natuur 0,5% (stampleem wit, geel, rood en grijs alsook 02.008 Stampleem fijn), krimpfactor ≥ 0,7%)

Verpakking

Aardvochtig in 1,4 ton bigbags

Opslag

Beschermen tegen uitdroging (klontering) of doorweking door weersomstandigheden vermijden. Langdurige opslag is mogelijk. Voor aanvang van de uitvoering moeten vochtigheid en homogeniteit (verwerkbaarheid) van de bouwstof worden getest.

Benodigd materiaal

Een bigbag volstaat voor ca. 0,6 m3 kant-en-klaar stampbouwdeel.

Verwerking, uitvoering

Wanden: de stampleem wordt laagsgewijs (10-15 cm dikke lagen) in een voldoende stabiele bekisting afgevuld en machinaal of manueel gelijkmatig en maximaal verdicht. Volledig stabiele bekistingen worden laag voor laag met stampleem afgevuld, en machinaal of handmatig gelijkmatig en maximaal verdicht. Dragende wanden worden volgens de leembouwregels van het “Dachverband Lehm e.V” (zie www.earthbuilding.info) ontworpen en vervaardigd. Stampleemwanden kunnen alleen onder leiding en onder toezicht van vakmensen, die ervaren zijn in het vervaardigen van dragende leembouwdelen, worden uitgevoerd.
Vloeren: op schone en vaste, niet loslatende grondslag (betonplaten) wordt de stampleem in dunne lagen opgebouwd en machinaal of handmatig gelijkmatig en maximaal verdicht. Stampleem heeft geen sperrende eigenschappen en onderbreekt de capillaire werking niet.

Droging van wanden

De droogtijd hangt af van wanddikte, seizoenen en weersomstandigheden. De verdere behandeling kan pas plaatsvinden na voldoende droging.

Verdere behandeling

Wanden: vakkundig vervaardigde stampleemwanden kunnen binnenshuis zichtbaar gelaten worden. Weerbelaste bouwdelen worden in principe beschut of met een beschermingslaag uitgerust.

Verwerkingstijd

Geschikte morteltypen en de uitvoering van buitenpleisterwerk worden in werkblad 1.1 nader omschreven. Voor binnenstucwerk van stampleemwanden worden Basisleem, Afwerkleem grof en Leempleister mineraal aanbevolen; verwerking conform CLAYTEC werkblad 6.1 leempleister. Vloeren: oneffenheden in het oppervlak kunnen met een spaan, onder stevige druk, worden nabewerkt. De slijtlaag van stampleemvloeren kan bevochtigd worden (bv. met tuinslang) en met schuurbord of estrichspaan zolang verdicht, tot het leemoppervlak begint te slieren. Oppervlaktebehandeling met vloer-hartwaxolie of hartolie + hartwax verbetert de oppervlaktebestendigheid. De werking is aan de hand van een proefvlak te beoordelen.

Tips

De richtlijnen van CLAYTEC werkblad 1.1 dienen absoluut te worden nageleefd. Stampleembouw vereist een hoge mate van kennis en kunde. Wij bieden u graag vak- kundige hulp en uitvoeringsbegeleiding. In enkele gevallen kan het nodig zijn om het mengsel, na aanlevering, licht na te bevochtigen of te homogeniseren: dit is geen defect in de bouwstof, en klachten hieromtrent zijn niet ontvankelijk. Om het visuele resultaat te kunnen beoordelen moet er in ieder geval een bouwdeelmonster vervaardigd worden. In verband met natuurlijke kleurafwijkingen van de leem en de toeslagstoffen komen eventuele kleurafwijkingen van stampleem niet in aanmerking voor vergoeding. Wij doen al het mogelijke om mogelijke lasting van ongepleisterde of beklede oppervlakken, zijn wij niet aansprakelijk.