gräfix 66 k Kalkfinish 21.400

Toepassing

Afwerkpleister op vakwerkvullingen of leemwanden: zie CLAYTEC werkblad 2.1, 2.2 en 2.3.
Kalk-interieurpleister: CLAYTEC werkblad 6.9

Luchtkalkmortel, toegepast als buitenpleister in bv. vakwerkrestauratie of duurzame nieuwbouw. Als historische interieurpleister op basisleem of voor het restaureren van profielen en ornamenten in de monumentenzorg.

Samenstelling

Kalk, kalksteenbrekerzand 0-0,5 mm, kalksteenmeel, methylcellulose < 1%

Fysische eigenschappen

Massadichtheid ca. 1.080 kg/m3, vastheid conform CS I DIN EN 998-1

Verpakking, rendement

Vochtbeschermende 25 kg zak (levert 24 liter pleistermortel), 40 zakken per pallet.

Opslag

Droog op pallets of houten stelling opgeslagen minstens 6 maanden houdbaar.

Bereiding

Met de elektrische mixer ca. 10 liter water per 25 kg zak toevoegen. Grote hoeveelheden kunnen met een geschikte betonmolen of dwangmenger bereid worden. Ook machinaal te verwerken met een mortelspuitmachine.

Ondergrond

De pleisterondergrond dient zo vlak mogelijk, vrij van scheuren en putjes te zijn. Basisleem eventueel voorbewerken met fijne Afwerkleem (CLAYTEC 10.011), Kalk-grondmortel met Kalk-afwerkmortel (CLAYTEC 21.350). Leemstuc-ondergronden moeten volledig uitgedroogd zijn, kalkmortels dienen afgebonden te zijn.

Aanbrengen van de mortel

De pleisterondergrond van Kalk-afwerkmortel (CLAYTEC 21.350) of fijne Afwerkleem wordt direct voor het aanbrengen van de finish vlaksgewijs voorbevochtigd (sproei-nevel), herhalen waar nood- zakelijk. Leemondergrond wordt behoedzaam voorbevochtigd (sproei-nevel) totdat een egaal don- ker oppervlak bereikt is. Vervolgens wordt, ter voorbereiding, een dun geroerd papje van hydraat- kalk grondig met een harde kwast in de leem ingewerkt.
De Kalkfinish wordt met een roestvrije truweel of japanspaan aangebracht, in een laagdikte van max. 1 mm. Bij pleisterwerk van vakwerkvullingen dient men vanaf de balkranden aan te zetten richting vakvlak en niet andersom. Ter plaatse van balkaansluitingen e.d. het stucwerk lossnijden (een diepte van ca. 2 mm volstaat). De (balk)aansluiting niet afgeschuind uitvoeren.
Het oppervlak kan als schuurwerk of anders worden afgewerkt. Naarmate de ondergrond vlakker is voorbereid, kan een gladdere afwerking worden verkregen.

Verwerkingstemperatuur

Temperatuur van de ondergrond moet 5-25° C zijn.

Verwerkingsduur

De verwerkingstijd is afhankelijk van temperatuur, laagdikte van de pleister en absorptievermogen van de ondergrond.

Verdere behandeling

Om een te snelle uitdroging (verbranden) tegen te gaan, kan de mortel bij hitte en wind het beste de eerste dagen vochtig worden gehouden, bijvoorbeeld met een plantenspuit/tuinslang (sproei- nevel). Om een afdoende bescherming tegen weersinvloeden te waarborgen en eenheid in kleur te verkrijgen, kan de Kalkfinish het beste met een diffusie-open verf worden geschilderd. Hiervoor is bijvoorbeeld een (bij voorkeur frescaal aan te brengen) Kalkverf (CLAYTEC 21.525) uitermate geschikt. Voor buitenpleister die blootgesteld is aan sterkere weersomstandigheden kan het beste een silicaat-gevelverf worden toegepast.

Tips

Vensters, eikenhouten oppervlakken of andere (met name looizuurhoudende) houten bouwdelen dienen afdoende beschermd te worden tegen verontreinigingen of aantasting door kalkpleister. Voor de ervaren restaurateur bieden wij, naar historisch voorbeeld, kalverhaar (CLAYTEC 32.012) aan om Haar-Kalkmortel te mengen. Gebruikte toeslaghoeveelheden zijn individueel verschillend. Een verpakking van 5 kg is bij een reguliere menging voldoende voor ca. 40 zakken (1 pallet).

Werkproef

Wij raden u aan per geval, middels een voldoende groot proefvlak, te testen of de systeemopbouw van stuc en verf geschikt is voor de specifieke toepassing. Klachten, die niet te wijten zijn aan mengfouten in de fabriek, zijn niet ontvankelijk.