09.004 Leembouwplaat D20
09.002 Leembouwplaat D25
35.120 Leemplaatschroeven

De CLAYTEC leembouwplaat bestaat uit leem en riet, en is bouwplaat en leempleister inéén. Hierdoor wordt droogbouw op de meest natuurlijke wijze mogelijk. De platen worden gebruikt als beplanking van tussenmuren en voorzetwanden, verlaagde plafonds en de bouw van zolderverdiepingen.

 

Gebruik

Voor droogbouw stapeltechniek zie CLAYTEC werkblad 5.1, voor leembouwplaat zie werkblad 5.2
Leembouwplaat voor het bekleden van hout- en metaalconstructies binnenshuis. Geschikt voor binnenwanden, voorzetmuren, plafonds en schuine daken in droogbouw. Geschikt als ondergrond voor CLAYTEC Afwerkleem fijn en CLAYFIX/YOSIMA designpleisters.

Samenstelling

Bouwleem en klei, perliet, rietplaat, hennep, jutewapening, cellulosevezels, zetmeel < 1%

Fysische eigenschappen

Dichtheid ca. 700 kg/m3, λ-waarde 0,13 W/mK (conform meting leembouwplaat D25), μ = 18

Gewicht en massa

D20: breedte 150 cm, lengte 62,5 cm, diepte ca. 20 mm.
Gewicht ca. 13,1 kg/plaat = ca. 14 kg/m2

D25: breedte 150 cm, lengte 62,5 cm, diepte ca. 25 mm.
Gewicht ca. 13,1 kg/plaat = ca. 17,5 kg/m2

Verpakking

Gesealed op pallets, 60 stuks

Opslag

Indien droog opgeslagen onbeperkt houdbaar.

Benodigd materiaal

Ca. 1,1 plaat per m2. Houd rekening met een reserve van ongeveer 10% in verband met versnijden.

Onderconstructie

D20: muren, plafonds en schuine daken. H.o.h. afstand maximaal 37,5 cm (= 150 cm/4).
D25: muren. H.o.h. afstand maximaal 50 cm (= 150 cm/3).
D25: plafonds en plafondafwerkingen. H.o.h. afstand maximaal 37,5 cm (= 150 cm/4). De platen worden haaks op de onderconstructie bevestigd. Wanneer ze bij uitzondering parallel worden aangebracht (bijvoorbeeld tussen kinderbalken) dan moet de h.o.h.-afstand van de onderconstructie hooguit 31,25 cm (= 62,5 cm/2) bedragen. Een directe bevestiging aan dragende bouwdelen (bijvoorbeeld daksporen of vloerbalklagen) wordt absoluut afgeraden.

Verwerking

De platen kunnen met een steekzaag, handcirkelzaag, haakse slijpschijf of oscillerende zaag (bvb. Fein) op maat gesneden worden. De platen worden op de onderconstructie gedrukt en bevestigd met Claytec leemplaatschroeven 5 x 50 cm. Voor het snijpunt van plaat en onderconstructie zijn 3 bevestigingspunten nodig (15 schroeven voor D20, 12 schroeven voor D25). Vasttackeren ook mogelijk met gegalvaniseerde breedrugnieten B 25 mm, bijvoorbeeld Haubold BK 2550 C. Bevestigingsafstand > 50 < 100 mm, randafstand > 20 mm, indringdiepte > 20 mm.
In vochtige ruimtes, zoals badkamers, alleen corrosievrije bevestigingsmiddelen gebruiken. Het monteren gebeurt met minstens 30, beter nog 50-75 cm stuiknaadverspringing. Het continueren van een wandopeningsbegrenzing met horizontale of verticale voegen is niet toegestaan (zie werkblad 5.2).

Verdere behandeling

Eventuele kieren <1 mm vóór het wapenen van de voegen dichtzetten met Fijne Afwerkleem (CLAYTEC 10.011). De plaatvoegen worden met vlaswapening (CLAYTEC 35.025), glasvezelwapening (CLAYTEC 35.105) of jute (CLAYTEC 35.025) gewapend. Hierbij ligt het verbruik rond de 2,2-3,0 m’/m2 wapening. De voegenband mag niet overlappen. d.w.z. ter plaatse van de kruisingsgebieden wapening onderling uitsparen (zie hiervoor ook werkblad 5.2). Na een licht bevochtigen (sproei-nevel)of voorschlammen wordt de wapening op de plaat gelegd en met een papje fijne Afwerkleem ingekwast. De randen dienen bijzonder zorgvuldig worden ingewerkt. De inbreng van vocht moet zo gering mogelijk gehouden worden. Jute wordt dun bepleisterd: de mortel zo dun mogelijk uitsmeren (zodat het gebied rondom de voegen later niet door de afwerkpleisterlaag heen komt) Door de voegwapening worden de plaatnaden overbrugd maar eventuele vervorming van bouwdelen zijn er niet mee op te vangen. Voor de verdere afwerking dient de mortel, gebruikt voor de wapening, volledig gedroogd te zijn. Vaak wordt Afwerkleem fijn (CLAYTEC 10.011) gebruikt om het oppervlak af te wkrken. Wanneer een finish met YOSIMA of CLAYFIX Kleurleem fijn (17.050 – 17.450) of CLAYFIX Kleurleem structuur (15.050 – 15.450) is gepland, dient een dunne basispleister van fijne Afwerkleem vooraf te worden aangebracht. Een volvlaks wapening word hierbij ten zeerste aangeraden.